Social mediaverslaving: de stand van zaken

Social media zijn jongeren op het lijf geschreven en bieden vele voordelen. De verleidingen van jongerenhobby nr. 1 zorgen echter ook voor problemen. Ruim 6 procent van de Nederlandse jongeren van 12 t/m 15 jaar geeft aan problemen te ondervinden door zijn of haar social mediagebruik. Een belangrijke vraag is daarom: hoe ontstaat dit problematisch social mediagebruik? We geven een update van de huidige stand van zaken rondom Infobesitas.

Infobesitas

Social media sluiten perfect aan bij de interesses van jongeren. Jongeren zijn namelijk enorm gefocust op hun leeftijdsgenoten. Wat ze het liefst willen, is zo veel en lang mogelijk contact met elkaar. Social media stellen jongeren hier elke dag én elk uur toe in staat. Ze zijn constant online via hun smartphone, tablet of computer. Zo worden ze voortdurend verleid om actief deel te nemen op de verschillende social mediaplatforms. Onder de noemer ’infobesitas’ lieten we in 2009 zien dat met name voor jongeren het ‘gevaar’ op de loer ligt dat social media van waardevolle sociale tools veranderen in een energievretende verplichting. De resultaten van ons onderzoek in opdracht van het Leefritme Kenniscentrum laten zien dat een minderheid van de jongeren het inderdaad lastig vindt hun online gedrag te beperken: 44 procent van de 13- tot 16-jarigen en 43 procent van de 10- tot 12-jarigen vind het moeilijk om te stoppen als ze begonnen zijn met internetten (surfen, Facebook, chatten).

Gevaarlijk?

In mei 2012 verscheen het alarmerende rapport ‘Jongeren leiden aan Social Media Stress: jongeren in de greep van social media.’ De auteurs stellen dat: “social media met hun subtiele stimuli, zoals geluiden, pushberichten, aandacht en beloningen, jongeren in hun greep houden. Een deel van de jongeren geeft zelfs aan niet meer zelfstandig te kunnen stoppen, omdat ze bang zijn buitengesloten te worden”. Het rapport ontving terechte kritiek op de betrouwbaarheid en de interpretatie van de resultaten van het onderzoek, maar de auteurs bieden wel stof tot nadenken. Het is daarom goed om eens nader te kijken naar de manier waarop social media eventuele verslaving in de hand werken.

Beloning

Social media (en dan met name social networks, microblogs als Twitter en beeldblogs als Instagram) stellen jongeren niet alleen in staat om contact te leggen en onderhouden met hun vrienden en klasgenoten, maar stimuleren jongeren ook om actief contact te blijven maken.

Veel social media faciliteren interactie met behulp van een soort beloningssysteem, enigszins vergelijkbaar met beloningsystemen in bijvoorbeeld games. Bij social media komt de beloning niet rechtstreeks vanuit het social media platform, maar vanuit het sociale netwerk van een gebruiker. Het voelt namelijk goed om iets te posten en vervolgens bevestiging of erkenning te ontvangen. Dat social media dergelijke systemen inzetten is logisch, want social media platforms als Facebook verdienen ten slotte hun geld met actieve gebruikers. Zie hier een heldere uitleg van waarom social media zo veel voldoening opleveren.

Het verschilt per jongere hoeveel waarde ze aan online aandacht geven en in hoeverre ze deze aandacht actief nastreven, maar het positieve gevoel van online aandacht is iets wat ook voor veel volwassenen herkenbaar is. Dat is de reden dat je alleen die content plaatst waarvan je verwacht dat je netwerk het zal waarderen (en belonen). Jongeren beleven dit proces vanwege hun focus op de sociale omgeving intenser en houden zich hier ook intensiever mee bezig. Wanneer de drang naar (online) aandacht de alledaagse bezigheden van jongeren beïnvloedt, kunnen we spreken van problematisch social mediagebruik of zelfs van social media verslaving. Het onderzoek van Nicolien Scheerman laat zien dat Facebook daadwerkelijk verslavend kan zijn voor jongeren.

Problematisch social mediagebruik

Stichting IVO is een expertisecentrum op het gebied van vrijwel alle verslavingsvormen. Internetverslaving is al lange tijd één van hun aandachtspunten. Onlangs organiseerden zij een seminar rond social media- en internetgebruik van jongeren. hier werd ook specifiek aandacht gegeven aan ‘problematisch social mediagebruik’. Onlangs benutten ze het langlopende IVO monitor onderzoek naar internet en jongeren (12-15 jaar) om trends en ontwikkelingen in het (problematisch) gebruik van sociale media inzichtelijk te maken. Voor het onderzoek naar problematisch internet & social mediagebruik maakt IVO gebruik van een verkorte versie van de Compulsive Internet Use Scale waarmee zes kernsymptomen van problematisch gebruik worden gemeten:

  • controleverlies;
  • sociaal conflict;
  • preoccupatie met de toepassing;
  • onthoudingsverschijnselen;
  • problemen;
  • vluchtgedrag in de toepassing.

Zoals in bovenstaand figuur te zien is, kunnen we over ruim zes procent van de 12- tot 15-jarigen zeggen dat hun social mediagebruik problematische vormen aanneemt. Hieronder vallen meer meisjes dan jongens. We gaan ervan uit dat er grote overlap bestaat tussen mobiel en algemeen social mediagebruik, vandaar dat we deze twee groepen niet bij elkaar optellen.

De toename van het algemene problematisch internetgebruik kan worden gezien als een indicatie dat ook het problematisch social mediagebruik de afgelopen twee jaar mogelijk is toegenomen. Om deze toename te kunnen bevestigen moeten we echter de cijfers van volgend jaar afwachten.

Ter nuancering moeten we wel beseffen dat social media op dit moment voor maar liefst 94 procent van de jongeren geen echte problemen oplevert. Voor een grote groep is social media vooral leuk en handig. Volwassenen denken al snel aan verslaving wanneer een jongere vele uren per dag spendeert aan iets waar ze zelf het nut niet volledig van begrijpen. Dit zorgt er ook voor dat het probleem snel groter gemaakt wordt dan het in werkelijkheid is. De perceptie van een ‘verslaving’ is nogal relatief, want als een jongere vier uur achter elkaar een boek leest hoor je niemand klagen. Tot slot is het belangrijk om te benoemen dat jongeren in het onderzoek van stichting IVO op hun eigen social mediagebruik reflecteren en niet goed kunnen inschatten in hoeverre ze een probleem hebben. Hoe groot daadwerkelijk de ‘problemen’ zijn, is niet bekend. Desalniettemin geven jongeren zelf aan dat ze problemen ervaren en daar moeten we uiteraard serieus naar kijken.

Mediawijsheid

Zijn social media dan echt problematisch? Nee, niet per definitie. Social media bieden jongeren juist ook enorme voordelen en een groot deel van de jongeren weet het gebruik wél binnen de perken te houden. In ons onderzoek in opdracht van het Leefritme Kenniscentrum kwam duidelijk naar voor dat veel jongeren zelf strategieën hanteren om de online afleidingen te beperken. Zo zet een deel van hen de mobiel uit tijdens het huiswerk maken, logt uit bij Facebook en houden ze hun internetgebruik in de gaten.

We kunnen daarentegen niet om het feit heen dat social mediagebruik bij jongeren makkelijker problematische vormen aanneemt dan bij ouderen. Oplettendheid en begeleiding is daarom vereist. Wanneer we het hebben over aandacht voor en begeleiding van social mediagebruik, is het niet eerlijk om volledig op de kleine groep probleemgevallen in te zoomen. Het is beter om na te denken over een vorm van begeleiding die alle jongeren verder helpt in hun gebruik en inzet van social media. Social media zijn geen trend, het is een blijvend fenomeen. Daarom moeten we ons niet richten op beperking van het gebruik, maar op hoe we het gebruik kunnen optimaliseren. Hoe creëren we bewust (social) mediagebruik en hoe zorgen we dat social media de volgende generatie juist verder helpt? Hierbij is het belangrijk om invulling te geven aan de rol van ouders en docenten, maar ook om na te denken over beleid.

Het ‘probleem’ is nieuw en daarom nog lastig aan te pakken. Het is daarom zaak om op dit gebied onderzoek te blijven doen, maar vooral ook te experimenteren met het begeleiden en ondersteunen van jongeren in hun social mediagebruik. Openheid is hierbij belangrijk. Laten we vooral leren van elkaars resultaten en elkaar inspireren in het nadenken over een geschikte maatschappijbrede aanpak. In het kader van delen kunt u ook een kijkje nemen op het nieuwe kennisplatform www.internetscience.nl. Een initiatief van Stichting IVO waarmee ze organisaties willen stimuleren om zo veel mogelijk (wetenschappelijke) kennis over online gedrag te delen.

Delen via social of mail.
Close

BLIJF OP DE HOOGTE

Ontvang net als meer dan 6.000 anderen maandelijks jongerentrends, inspiratie en nieuw werk in je mailbox.