Co-creatiesessie met pizza, over de toekomst van Delft

Update

Licht uit, smartphone aan

Kwalitatief onderzoek onder pubers naar stress en slapen

Wat was de opdracht?
In maart 2018 voerden wij kwalitatief onderzoek uit onder jongeren van 12-16 jaar, in opdracht van de Hersenstichting. De puberteit is een fase waarin belangrijke veranderingen plaatsvinden in de hersenen. Vandaar dat de Hersenstichting zich ook op de doelgroep pubers (12-16 jaar) en hun ouders richt. Komende jaren wil de Hersenstichting de thema’s slaap en stress verder onder de aandacht brengen van de doelgroep. Pubers zijn echter lastig te bereiken via traditionele kanalen en vragen een speciale aanpak. Daarom vroeg de Hersenstichting ons om onderzoek te doen onder pubers en hun ouders. Centraal stond de vraag: hoe zijn pubers te bewegen om gezonde keuzes te maken, op gebied van slapen en stress, om zodoende hersenaandoeningen in de toekomst te voorkomen? Met als doel: heldere inzichten en concrete richtlijnen om de jongerenstrategie van de Hersenstichting op te bouwen.

Hoe hebben we het aangepakt?
We voerden duo-gesprekken met 22 jongeren uit Amsterdam en wijde omgeving. In onze onderzoekslounge aan de Prinsengracht. Na elk duo-gesprek gingen we kort in gesprek met de ouder. Voorafgaand aan de gesprekken hielden de jongeren een week lang een dagboekje bij waarin ze hun slaapgedrag en stressgevoelens noteerden. In de gesprekken vertelden jongeren ons openhartig over hun gedrag, percepties en ervaringen met stress en slaap. Ook dachten ze mee over manieren waarop de Hersenstichting jongeren kan ondersteunen bij een gezond slaappatroon en het verminderen van stress.

Wat waren de belangrijkste inzichten?

  •  Jongeren zijn zich bewust van hun gedrag: ze weten dat ze te laat gaan slapen of dat ze lang wakker liggen. Ze weten dat het afwijkt van de injunctieve norm: slapen is gezond. Maar ze willen of kunnen dit gedrag niet veranderen.
  • Jongeren weten redelijk goed hoeveel uur ze per nacht moeten slapen en kennen de slaaphygiëne regels. Zo weten vrijwel alle jongeren dat blauw licht van smartphones en iPad’s negatief werkt voor je slaap. Maar ze zijn minder bekend met de benefits van slaap en de gevolgen van een ongezond slaappatroon.
  • We onderscheiden 3 type jongeren die verschillen naar slaapgedrag. Goede slapers gaan doordeweeks op tijd naar bed, slapen voldoende uren en hebben geen slaapproblemen. Probleemslapers hebben moeite met inslapen door piekeren over school, peergroup en social media. Laatslapers liggen er doordeweeks steevast te laat in door ‘slaap-uitstelgedrag’. Ze stellen het slapen uit, niet omdat ze er een hekel aan hebben, maar omdat ze moeite hebben met plannen en stoppen met mediagebruik. Mediagebruik biedt voordelen op korte termijn, zoals ontspanning, verbondenheid, entertainment (low cost, high gain). Door de afleidingen van media en slechte planning lopen ze vertraging op met huiswerk waardoor ze ‘s avonds langer bezig zijn. Daarnaast blijven ze, eenmaal in bed, doorkijken naar media en vergeten de tijd.
  • Opvallend is dat ‘laat slapen’, volgens jongeren, de sociale norm is geworden. Tijdens de les vallen leerlingen in slaap, iedereen is moe, op social media worden diep in de nacht chats en apps geposts. Laat slapen is stoer, het geeft pubers een gevoel van autonomie. Daardoor is er weinig urgentie om het gedrag te veranderen.
  • Ouders spelen een belangrijke rol in het slaapgedrag van hun kinderen. Coachende ouders hebben een regulerende invloed op het slaapgedrag van hun kinderen. Ze motiveren hun kinderen om op tijd naar bed te gaan en maken samen afspraken. Andere ouders staan laissez faire t.o.v. de bedtijden van kinderen en laten hun pubers daarin vrij. Ze zijn van mening dat hun kinderen oud en wijs genoeg zijn om zelf te bepalen wanneer ze naar bed gaan. Ofwel ze hebben niet door dat hun kinderen laat gaan slapen.
  • Uit de gesprekken blijkt dat het thema ‘stress’ een beladen, negatieve connotatie heeft. Stress wordt door pubers geassocieerd met de volwassenwereld, werk en relaties. Dat is niet cool. Opvallend is dat ouders stress bij hun kinderen bagatelliseren. Ouders vinden het thema stress dan ook wat overtrokken in relatie tot pubers.
  • Pubers koppelen stress primair aan school, als dé veroorzaker van stress. Overige spanningen en zorgen labelen ze niet als ‘stress’, dat vinden ze te zwaar. Maar als we erover doorpraten blijkt dat ze wel degelijk stress ervaren. Schoolwerk, gezinssituatie, druk van ouders, social media leiden tot stressgerelateerde klachten.
  • Beide thema’s, slapen en stress, hebben veel met elkaar te maken. Stress geldt als veroorzaker en als gevolg van slecht slapen. Uit het onderzoek blijkt dat slaap een goede ingang om pubers en ouders te bereiken met informatie over zowel slaap als stress. Vandaar ons advies aan de Hersenstichting om de strategie te richten op het thema slaap. Slaap kan bovendien goed vertaald worden naar een positieve boodschap en werkt motiverend voor gedragsverandering.

Laatslaper: “Meestal ga ik wel op tijd naar bed, maar voordat ik echt slaap, duurt het nog wel even. Dan ga ik in bed Netflixen en kijk ik series, soms tot 1 uur ‘s nachts. Mijn ouders weten niet dat ik zo laat ga slapen. Ik moet mijn iPad en smartphone beneden laten liggen. Maar ik leg altijd lege hoesjes neer, hebben ze toch niet door.” (jongen, 15 jaar)

Probleemslaper: “Dan kijk ik naar mijn wekker en denk ik ‘Oh nee, nu is het alweer zo laat? Nu ga ik zeker een onvoldoende halen op de toets morgen’. Dan kom ik al helemaal niet meer in slaap. Soms lig ik tot 3 uur ‘s nachts te woelen in mijn bed. Ik wou dat de Hersenstichting een piekerstopknop kon maken, dat zou mij enorm helpen.” (meisje, 14 jaar)

Ouder: “Hij is 15 jaar, bijna volwassen, ik ga niet voor hem bepalen wanneer hij moet gaan slapen. Hij weet zelf wanneer hij moe is. Ik vond dat vroeger ook verschrikkelijk als mijn ouders zeiden dat ik naar bed moest terwijl ik niet moe was. Dat heeft echt geen zin.”

Meer weten?
Neem voor meer informatie over kwalitatief onderzoek onder pubers contact op met Suzanne Dölle, senior researcher Youngworks.

Delen via social of mail.